HET WAS DE SCHULD VAN DE BALEGEMSE HEKS ....
Ge moet weten: Balegem was in die tijd een rustig dorp. Té rustig, volgens sommigen. Want als er eens iets gebeurde, dan wist meteen iedereen het… en meestal ook nog iets méér dan wat er écht gebeurd was.
Nu, op een zekere ochtend - zo’n ochtend waarop de mist nog als een natte dweil over de velden hing, gebeurde er iets dat zelfs de grootste roddeltantes sprakeloos maakte. Op de Balegemse “steenpunt”, een plek waar normaal enkel koeien loom stonden te herkauwen en boeren hun klompen versleten, lagen plots enkele koeien… morsdood.
Alsof dat nog niet genoeg was, schoten er overal zwarte katten rond. Niet van die brave huisbeestjes, nee nee – van die katten die u aankijken alsof ze uw ziel al hebben opgegeten vóór ge “miauw” kunt zeggen.
De boeren, die toch al niet vies waren van een straf verhaal, waren er snel uit:
“Dat kan maar één ding zijn… ’t is een heks!”
En kijk, alsof ze het zelf hadden besteld, kwam er nog “bewijs” ook. Enkele mannen – die toevallig laat thuis kwamen van de herberg (en volgens hun vrouwen “zeker niks gedronken hadden”) – beweerden dat ze haar gezien hadden.
Een verschijning, zeiden ze!
In het wit gekleed, met een vlammend oog midden op haar voorhoofd, alsof ze een kaars had ingeslikt en die vergeten was uit te blazen. Rond haar heen dansten vlammen, en ze sprong en krijste als een kat die op haar staart getrapt wordt. In haar ene hand hield ze… een doodskop. In haar andere… tja, daar verschilden de meningen over, maar dat het iets griezeligs was, daar was iedereen het over eens.
En rond wat danste ze? Rond een dode man!
“Da’s geen gewone miserie meer,” zei boer Firmin. “Dat is duivels werk. Daar moet iets aan gedaan worden.”
De Balegemnaren waren radeloos. En als Balegem radeloos is, dan gebeurt er maar één ding: ze organiseren iets.
Dus besloten ze begankenissen te houden. Veel begankenissen. Met kaarsen, gebeden, gezangen en waarschijnlijk ook een paar mensen die vooral kwamen kijken of er iets te eten viel.
En zie… het hielp!
De heks verdween. Geen vlammen meer, geen katten, geen dode koeien. Balegem haalde opgelucht adem en ging weer over tot de orde van de dag: werken, klagen over het weer, en klagen over elkaar.
Maar… vijf jaar later.
Net toen iedereen dacht dat het achter de rug was, sloeg het noodlot opnieuw toe.
Op een nacht -stil, donker en verdacht rustig -ging de heks weer aan het werk. Geen vuur, geen gedans deze keer. Nee, ze had iets véél geniepigers bedacht.
Ze nam… haringen.
Stinkende, rotte, walgelijke haringen.
En die knoopte ze één voor één… aan elk sleutelgat in het dorp.
De volgende ochtend gebeurde wat ge kunt verwachten:
De eerste die zijn deur wilde openen, trok die open… en kreeg bijna een haring in zijn gezicht.
“ALLEZ! Wat is dát nu weer?!”
Binnen de kortste keren stond heel Balegem op straat. Overal waren er mensen met een vis in hun hand, een gezicht alsof ze in een mestput waren gevallen, en discussies over wie nu weer de schuld had.
“De heks is terug!” riep iemand.
“Met vis deze keer!” riep een ander.
Een schande was het. Pure sabotage.
Maar ja… Balegem was geen rijk dorp. Weggooien? Dat deden ze daar niet zomaar.
En na de eerste schok begon er iemand te denken:
“Allez… ’t is wel stinkend… maar ’t is nog altijd haring, hé.”
En voor ge het wist, gebeurde het onvermijdelijke.
De ene na de andere Balegemnaar trok naar zijn keuken, gooide die verdachte haring in de pan, en begon te bakken.
Niet veel later hing er over het hele dorp een geur…
Geen gewone geur. Nee. Een walm. Een dikke, vettige, allesoverheersende geur van gebakken haring die zich door elke straat wrong, door elk raam kroop en zelfs de kippen deed twijfelen aan hun levenskeuzes.
Van aan de kerk tot aan de steenpunt: overal rook het naar vis.
En ergens, ver weg in het donker, zou ge gezworen hebben dat ge een heks hoorde lachen.
Want zeg nu zelf…
Wat is erger? Een heks met een vuuroog…
of een heel dorp dat vrijwillig rotte haring bakt?
Aansluitend bij dit "volksverhaal" werd er in het dorp een wandelroute ingericht. Voor scholen is er een zoekopdracht.... De start en aankomst is de aan de Stokerij Van Damme.
Veel wandelplezier
Reacties